Thermisch comfort verwijst naar de tevredenheid van mensen over het binnenklimaat van een gebouw, waarbij factoren zoals temperatuur, vochtigheid, tocht en straling een rol spelen. Het is echter een subjectief begrip, aangezien persoonlijke factoren zoals kleding, activiteit, leeftijd en gezondheid ook invloed hebben op het comfort.
Het Fanger-model is de meest gebruikte methode om thermisch comfort te beoordelen, aan de hand van twee indicatoren: de Predicted Mean Vote (PMV) en de Predicted Percentage of Dissatisfied (PPD). De PMV geeft de gemiddelde beoordeling van gebruikers over het thermisch comfort, gebaseerd op omgevingsfactoren (zoals temperatuur, luchtvochtigheid, straling en luchtsnelheid) en persoonlijke factoren (zoals kleding en activiteit). De PMV wordt uitgedrukt in een schaal van -3,0 (te koud) tot +3,0 (te warm), waarbij een PMV van 0,0 het ideale comfortniveau aangeeft.
De PPD voorspelt welk percentage gebruikers ontevreden zal zijn over het thermisch comfort. Een PPD van 10% wordt vaak als acceptabel beschouwd. Beide indicatoren worden berekend volgens de norm NBN-EN-ISO 7730.
Daarnaast kunnen andere omgevingsfactoren zoals tocht, temperatuurverschillen tussen hoofd en voeten, en stralingsasymmetrie ook het thermisch comfort beïnvloeden. Psychologische aspecten spelen zeker ook mee. Gebruikers zijn bijvoorbeeld minder veeleisend als ze zelf de temperatuur kunnen regelen. Tot slot zijn de verwachtingen over thermisch comfort binnen erg afhankelijk van de temperatuur buiten.
Energiezuinige gebouwen bieden over het algemeen goed thermisch comfort in de winter door betere isolatie en luchtdichtheid, wat tocht en koude straling vermindert. In de zomer kan oververhitting echter een probleem zijn, doordat de isolatie de warmte beter vasthoudt. Extra aandacht voor zomercomfort bij nieuwbouw en renovatie is daarom aangewezen.
Zet in op het criterium CRD 2 Warmte en CRD 3 Koelte. Raadpleeg de GRO website voor meer informatie.
Neem een kijkje op de webpagina over het binnenmilieu op school van het departement zorg.