Met betrekking tot het thermisch comfort in schoolgebouwen zijn er twee wetgevingen van toepassing. Enerzijds zijn er de bepalingen uit de Codex over het welzijn op het werk en anderzijds de richtlijnen uit het Binnenmilieubesluit.
De codex over het welzijn op het werk bevat alle uitvoeringsbesluiten van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk. De codex bestaat uit 10 boeken, die verder onderverdeeld worden in titels, hoofdstukken en (onder)afdelingen.
In boek V over omgevingsfactoren en thermische agentia is bepaald dat de werkgever een risicoanalyse moet uitvoeren voor de thermische omgevingsfactoren van klimatologische of technologische aard die aanwezig zijn op de arbeidsplaats.
Hij moet hierbij rekening houden met:
Op basis van de resultaten van deze risicoanalyse bepaalt de werkgever de gepaste preventiemaatregelen.
De actiewaarden voor blootstelling aan koude worden vastgesteld op basis van de luchttemperatuur in functie van de fysieke werkbelasting:
| Fysieke werkbelasting | Minimale luchttemperatuur |
| Zeer licht | 18°C |
| Licht | 16°C |
| Halfzwaar | 14°C |
| Zwaar | 12°C |
| Zeer zwaar | 10°C |
De actiewaarden voor blootstelling aan warmte worden vastgesteld uitgaande van de WBGT-index (Wet Bulb Globe Temperature) voor thermische belasting in functie van de fysieke werkbelasting. De WBTG-index houdt niet alleen rekening met de temperatuur, maar ook met luchtvochtigheid, luchtstroomsnelheid en thermische straling.
| Fysieke werkbelasting | Maximale WBGT-index |
| Licht of zeer licht | 29 |
| Halfzwaar | 26 |
| Zwaar | 22 |
| Zeer zwaar | 18 |
De fysieke werkbelasting kan men als volgt inschatten:
Als de actiewaarden worden overschreden, moet de werkgever maatregelen nemen, zoals:
Het binnenmilieubesluit bevat richtlijnen die een gezond binnenmilieu omschrijven, inclusief richtwaarden en interventiewaarden. Voor temperatuur, tocht en relatieve vochtigheid zijn onderstaand richtwaarden opgenomen.
|
Richtwaarde koude jaarhelft (januari, februari, maart, april, oktober, november, december) |
Richtwaarde warme jaarhelft (mei, juni, juli, augustus, september)
|
|
| Temperatuur | 20 °C ≤ T ≤ 24 °C | 22 °C ≤ T ≤ 26 °C |
| Tocht | < 0,15 m/s | < 0,25 m/s |
| Relatieve vochtigheid | 40% ≤ RV ≤ 60% | 30% ≤ RV ≤ 70% |