Voor het sanitair voor de werknemers moet de Codex over het welzijn op het werk worden gevolgd. Deze Codex zegt in artikel III.1-45. duidelijk: “Er wordt voorzien in aparte kleedkamers, douches en toiletten voor mannen en vrouwen.”
De Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg (FOD WASO) licht op de pagina rond sanitaire voorzieningen dit onderwerp ook verder toe: "De mannen- en vrouwentoiletten moeten volledig van elkaar gescheiden zijn. Hoewel hierbij nog uitgegaan wordt van de klassieke tweedeling tussen mannen en vrouwen, sluit dit de installatie van genderneutrale toiletten, boven op de aparte toiletten voor mannen en vrouwen, niet uit. In elk geval dient de werkgever steeds de preventieadviseur-arbeidsarts en het comité voor preventie en bescherming op het werk te raadplegen over de te nemen maatregelen betreffende de sociale voorzieningen. Zij kunnen dus eventueel een positief advies geven over het bijkomend voorzien van genderneutrale toiletten.”
Deze wetgeving is in schoolgebouwen van toepassing voor alle personeel en de zogenoemde "gelijkgestelde" leerlingen. Dat zijn leerlingen en studenten die een opleiding volgen die voorziet in een vorm van arbeid in de onderwijsinstelling.
Voor de andere leerlingen is er geen allesomvattende regelgeving op vlak van sanitair.
De commissie van deskundigen heeft wel aanbevelingen voor sanitaire voorzieningen in onderwijsinstellingen opgesteld. Ook deze gaan uit van gescheiden sanitair voor jongens en meisjes, behalve voor kleuters.
Omdat effectieve wetgeving over sanitair voor de leerlingen ontbreekt, kan het school- of centrumbestuur beslissen om deze aanbevelingen niet te volgen en een andere oplossing te voorzien. Belangrijk is dat deze oplossing veilig en goed bereikbaar is en voldoende privacy, maar ook voldoende toezichtmogelijkheden biedt.