U bent hier

Eerste evaluatie proefproject passiefscholen: wegwijzer naar duurzaamheid, maar er zijn werkpunten

In 2007 lanceerde de vorige Vlaamse Regering het proefproject passiefscholen. Passiefscholen zijn energiezuinige schoolgebouwen. Met dit project wil de Vlaamse overheid scholen sensibiliseren voor energiezuinig bouwen en onderzoeken in hoeverre passiefbouw toepasbaar is op schoolinfrastructuur. Een 20-tal scholen werd geselecteerd om passief te bouwen. Met de oplevering van de eerste 8 proefscholen in Bilzen, Bochelt, Etterbeek, Heusden-Zolder, Kalmthout, Londerzeel, Wuustwezel en Zwevegem zijn de eerste tussentijdse resultaten bekend (status 2015). AGION verzamelt gegevens over de kostprijs, de gemiddelde terugverdientijd, de meerwaarde, het gebruik van duurzame materialen, het effect op de energie-uitgaven, enz.

Project bewijst duidelijk zijn meerwaarde

Deelnemers aan het proefproject passiefscholen zijn tevreden over passiefbouw en ze bevelen de bouw van een passiefschool aan. De passiefschool wordt ervaren als een meer kwalitatieve leeromgeving, energiezuinig en comfortabel. Het project breidt de kennis rond energiezuinige schoolgebouwen bij bouwheren, architecten, studiebureaus en aannemers uit.

Niet noodzakelijk een duurdere keuze

Gemiddeld genomen betekent passiefbouw voor scholen een meerprijs van 12% in de bouwkost ten opzichte van de normale bouwkost. De ervaring leert nu dat mits een goed ontwerp vanaf het prille begin de meerprijs in de kosten zeker kan worden gedrukt. Dat blijkt uit voorbeelden uit het buitenland, maar ook uit één van de proefscholen in Vlaanderen: een project dat zeer goed scoort op energiezuinigheid, comfort, duurzaamheid en breed gebruik zonder in te boeten aan de kwaliteit van de architectuur. Deze passiefschool is slechts 1% duurder in bouwkost dan gangbaar.

Voor valabele resultaten over de energieboekhouding of terugverdieneffecten is het nog te vroeg om concrete uitspraken te doen bij de passiefscholen die al in gebruik zijn. Daarvoor is de huidige evaluatieperiode nog iets te kort. Toch wordt ervan uitgegaan dat scholen hun eigen inbreng bij de bouw van de passiefschool tussen de 5 en de 7 jaar terugverdienen. Directies en inrichtende machten geven nu al aan dat ze een positief effect ervaren.

Zomercomfort grote uitdaging

Elke school in het proefproject past volledige mechanische ventilatie toe. Een energiezuinige school met zo’n systeem bereikt een betere luchtkwaliteit in vergelijking met bestaande scholen of nieuwbouwscholen zonder een dergelijk systeem. Het zomercomfort blijkt dan weer een grote uitdaging te zijn voor schoolgebouwen en voor passiefscholen in het bijzonder. Dat verdient zeker extra aandacht.

Vier passiefscholen in dit proefproject passen hernieuwbare energie toe in de vorm van zonnepanelen, twee ervan combineren dat ook met een warmtepomp. Dit past in de visie van de Vlaamse Regering om te evolueren naar een grotere toepassing van hernieuwbare energie. Slechts 14 procent van alle scholen in Vlaanderen wekt op dit moment zelf energie op, meestal gebeurt dit via zonnepanelen. Nochtans biedt dat heel wat kansen.

Horizon 2021

De eerste lessen uit de proefprojecten zijn niet alleen van toepassing op passiefscholen, maar op elke school die vandaag gaat (ver)bouwen. Tegen 2021 moet het energieverbruik van elke school stapsgewijs afnemen, op weg naar bijna energie-neutrale schoolgebouwen. Alle schoolbouwprojecten zullen in de toekomst de nodige stappen moeten ondernemen om nog meer energieperformant en duurzaam te zijn. Passiefbouw is een efficiënte en economische waardevolle oplossing die goed combineerbaar is met het stimuleren van hernieuwbare energie.

Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits: “Het proefproject rond de passiefscholen speelt een duidelijke rol in de overgang naar energiezuinig en duurzaam bouwen. Deze eerste tussentijdse resultaten van de al opgeleverde passiefscholen zijn positief en kunnen als basis dienen voor het verdere beleid inzake energiezuinigheid en duurzaamheid in scholenbouw. Het helpt heel wat vooroordelen en taboes uit de wereld. Met dit proefproject is de overgang naar het bouwen van zeer energiezuinige scholen goed gestart, maar de weg is nog lang. De lessen uit dit proefproject zijn in die zin niet alleen van toepassing op passiefscholen, maar ook nuttig voor elke school die vandaag duurzaam wenst te (ver)bouwen. Dit eerste rapport rond de passiefscholen geeft ook een aantal beleidsaanbevelingen. Het is nu uitkijken naar de oplevering en effectieve ingebruikname van alle 19 passiefscholen in dit proefproject. Ondertussen werken we aan concrete voorstellen rond klimaatbevordering, duurzaamheid en energie-efficiëntie in het kader van het Vlaams Actieplan Klimaat dat op de tweede Vlaamse Klimaattop eind dit jaar wordt voorgesteld.”

Bekijk hier het rapport

Bron:
Persmededeling 14 september 2016
Kabinet van de viceminister-president van de Vlaamse Regering, Vlaams Minister Van Onderwijs Hilde Crevits